Nieuwsberichten



Algemeen Vis Water Waterbouw Wind



Negatieve effecten van Windpark Fryslân op natuur aangetoond

 10 februari 2017

Een groep natuur- en recreatieve organisaties maakt zich grote zorgen over de plannen van Windpark Fryslân om een windmolenpark midden in het IJsselmeer te bouwen. Hun zorgen over de negatieve effecten op de natuur zijn getoetst door het onderzoeksinstituut Alterra. De studie geeft aan dat deze zorgen terecht zijn. Deze groep heeft in november beroep aangetekend tegen het besluit om windmolens te bouwen in dit kwetsbare natuurgebied. Het rapport van Alterra is als aanvullende informatie naar de Raad van State, de overheden en initiatiefnemers van het windmolenpark gestuurd. De Raad van State bepaalt het verdere verloop van het beroep dat is ingesteld tegen het besluit.

Onzekere aannames

De betreffende organisaties streven naar een rijk IJsselmeer voor natuur en mens. Alhoewel zij vóór een overgang naar duurzame energie zijn, wordt met de bouw van dit park een grens overschreden met betrekking tot het aantal windmolenparken in en om het IJsselmeer. Woordvoerder Chris Bakker:  “Belangrijke studies, waarin veel vogelslachtoffers van windmolens zijn geteld, worden door Windpark Fryslân onterecht buiten beschouwing gelaten. Tevens is de beoordeling gebaseerd op onzekere schattingen over  de kans dat een vogel geraakt wordt, vlieghoogtes en ontwijkingsgedrag. Bij natuurbescherming geldt een zogenaamd voorzorgsbeginsel, dit betekent ‘bij twijfel niet doen’. Daarom moet aan deze onzekerheden aandacht besteed worden.”

Misplaatst optimisme

Windpark Fryslân gaat uit van 1% extra toelaatbare sterfte van veel vogelsoorten door aanleg van het park. Echter de studie van Alterra toont aan dat bij een veel lagere sterfte het voortbestaan van populaties al in gevaar kan komen. Ook wordt aan de effecten voor vogels die niet in het IJsselmeergebied broeden, zoals trekvogels of roofvogels die op zoek naar voedsel het gebied doorkruisen, door Windpark Fryslân te weinig aandacht besteed. Om het effect goed te kunnen beoordelen stelt Alterra dat de vogelsterfte door windmolenparken en andere projecten bij elkaar opgeteld moet worden, dat doet Windpark Fryslân. Daarnaast zet het rapport grote vraagtekens bij het optimisme van Windpark Fryslân over de positieve effecten van een te bouwen werkeiland. Dit werkeiland zou de negatieve effecten voor veel vogelsoorten te niet doen. Volgens Alterra zijn deze positieve effecten overschat. Visetende vogels als visdief, zwarte stern en toppereend dreigen hierdoor in gevaar te komen, dat geldt ook voor roofvogels zoals de bruine kiekendief.

De groep organisaties die zich tegen de plannen van Windpark Fryslân verzetten bestaat uit: It Fryske Gea, Natuurmonumenten, Vogelbescherming Nederland, de Waddenvereniging, de IJsselmeervereniging, het Watersportverbond,  Don Quichot, de Vereniging van Toerzeilers en de Vereniging voor Beroepschartervaart BBZ.

Bekijk hier de contra expertise

 

Beroep tegen Windpark Fryslân

 2 januari 2017

Een groep landelijke, provinciale en regionale natuurbeschermings- en recreatieve organisaties gaat samen als coalitie in beroep tegen Windpark Fryslân, een groot gepland windmolenpark van 89 windturbines midden in het IJsselmeer. Het windpark vormt een bedreiging voor een van de meest open landschappen van Nederland en levert de natuur in het IJsselmeer en de Waddenzee grote schade op. De gelegenheidscoalitie ziet het grote belang van windmolens, maar vraagt wel nadrukkelijk om een zorgvuldige inpassing in het landschap. De samenwerkende organisaties streven naar een open en rijk IJsselmeer voor natuur en recreanten. Windpark Fryslân doet daar grote afbreuk aan.

Het IJsselmeer is volgens de samenwerkende organisaties van internationaal belang als natuurgebied. “De bescherming van het IJsselmeer is dan ook stevig verankerd in beleid en wetgeving. Dat geldt zowel voor de landschappelijke waarden als voor de natuur. De keuze voor alweer een windmolenpark in het IJsselmeer leidde daarom terecht tot zorgen van een groep natuurbeschermings- en recreatieve organisaties”, aldus Chris Bakker, hoofd Natuurkwaliteit van It Fryske Gea, de provinciale vereniging voor natuurbescherming in Friesland. Hij treedt op als woordvoerder namens de coalitie bestaande uit It Fryske Gea, Natuurmonumenten, Vogelbescherming Nederland, de Waddenvereniging, de IJsselmeervereniging, het Watersportverbond en Don Quichot. Eerder maakten ze hun grote zorgen over dit windpark kenbaar in een zienswijze. Met de gemelde negatieve effecten van het windturbinepark voor natuur en landschap is echter weinig gedaan.

Grens is bereikt!

Bakker: “Het overgrote deel van de Nationale windopgave op land wordt nu al gerealiseerd in het Zuiderzeegebied. De recent ontwikkelde windparken zorgen ervoor dat je inmiddels bijna overal in het IJsselmeergebied windmolens kunt zien. En ook met de natuur in het IJsselmeer gaat het al een lange tijd niet goed. Een aanpak van de overheid waarbij er steeds weer een nieuw windpark bijkomt, leidt tot steeds weer een aantasting van de natuur- en landschapskwaliteit. Per park lijken de effecten misschien mee te vallen, maar de optelsom van alle windparken bij elkaar is zonder meer negatief. De grens is wat ons betreft bereikt. De enige optie die wij daarom nu nog zien is in beroep gaan om natuur- en landschapsbescherming te waarborgen.”

Windmolens passen niet op deze plek

De in de coalitie verenigde organisaties vinden duurzame energie belangrijk, maar vinden windmolens op deze plek onacceptabel. Chris Bakker: “Het plaatsen van een windmolenpark op deze locatie heeft niet alleen negatieve invloed op de natuur van het IJsselmeergebied, het Blauwe Hart van Nederland, maar ook op de Waddenzee. De natuur is hier van internationaal belang. Beide grote wateren vormen het leefgebied van bijzondere en grote aantallen vogelsoorten, maar ook vleermuizen en vissen. Niet voor niets zijn beide aangewezen als Natura-2000 gebieden. Verstoring of verlies van leefomgeving, planten en dieren moet daarom voorkomen worden. Bovendien wordt een groot deel van de nationale windopgave op land reeds gerealiseerd in het Blauwe Hart. Nog meer windmolens in dit gebied kan de natuur niet dragen.”

Aantasting landschappelijke openheid

Het IJsselmeer en het nabijgelegen Waddengebied zijn bij uitstek gebieden van ruimte, rust, weidsheid en duisternis. “Het zijn de meest open landschappen van Nederland”, aldus Bakker. “Veel natuurliefhebbers, watersporters en recreanten genieten van dit unieke landschap. We moeten dit soort plekken waar mensen nog kunnen genieten van groen, rust en ruimte koesteren. Bijna negentig torenhoge windmolens doen daar sterk afbreuk aan. Omdat de bescherming van het IJsselmeer ook in beleid en regelgeving is opgenomen, is de keuze voor deze locatie onbegrijpelijk”.

Alternatieve locaties

De plek in het IJsselmeer is aangewezen door het Rijk en de provincie Fryslân Volgens de coalitie zijn er echter voldoende alternatieve locaties voor een windpark beschikbaar. Bakker: ”Natuurorganisaties hebben in de planfase meegedacht en alternatieve locaties aangedragen. Er zijn op het vaste land bijvoorbeeld geschikte plaatsen beschikbaar bij industriegebieden of langs snelwegen. Op deze plekken zijn de natuurwaarden al laag en daarnaast hebben ook de inwoners van Fryslân hier minder hinder van windmolens. Helaas heeft de provincie Fryslân alle alternatieven terzijde geschoven en voor een locatie midden in het IJsselmeer gekozen. De plannen van zes windmolenparken in en om het IJsselmeer staat haaks op het eigen beleid van het Rijk. Daarin staat de open ongestoorde horizon van het IJsselmeer en de bescherming van IJsselmeernatuur juist centraal.”

Contra-expertise in de maak

De passende beoordeling bij de ruimtelijke plannen voor windpark Fryslân geeft aan dat significante negatieve effecten op natuur en landschap met zekerheid kunnen worden uitgesloten. De groep natuur- en recreatieve organisaties heeft echter bedenkingen bij deze conclusies. Bakker: “Daarom laten wij een contra-expertise opstellen door Alterra Wageningen over de mogelijke natuureffecten. De definitieve uitkomsten hiervan worden in december verwacht.”

 

Rijksplan voor een windpark in het IJsselmeer bij Fryslân

 21 december 2016

De ministers Kamp (Economische Zaken) en Schultz van Haegen (Ruimtelijke Ordening) hebben het Rijksinpassingsplan voor windpark Fryslân vastgesteld. Dit inpassingsplan ligt samen met een zestal andere besluiten vanaf vrijdag 14 oktober tot en met vrijdag 25 november ter inzage op het Gemeenteloket in Sneek, Marktstraat 15. De betreffende stukken zijn ook in te zien op deze website.

Bij het vaststellen van het inpassingsplan is rekening gehouden met de in totaal 306 zienswijzen (waarvan 182 uniek), die dit voorjaar werden ingebracht op de voorlopige vergunningen. Alleen belanghebbenden die een zienswijze hebben ingediend op de ontwerpbesluiten kunnen nog tot en met vrijdag 25 november in beroep gaan bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State tegen de nu gepubliceerde definitieve besluiten.

In het IJsselmeergebied zetten de drie aan het IJsselmeergebied grenzende, provincies in op windrealisaties in/rond het IJsselmeergebied. Omdat de verantwoordelijkheid van het aanwijzen van de windlocaties wordt overgelaten aan provincies/gemeenten, worden de keuzes voor locaties ook gemaakt op lokaal niveau. Het Rijk heeft ca. 11 plekken in het IJsselmeergebied aangewezen waar windparken eventueel zouden kunnen worden geplaatst en keurt vervolgens concrete provinciale plannen goed in een Rijksinpassingsplan.

Het resultaat is een wirwar van een heleboel windplannen in het gehele IJsselmeergebied. De optelsom van het aantal windmolens in het IJsselmeergebied wordt steeds groter. Dit betekent ook een vergroting van de negatieve effecten voor landschap en natuur (dit zijn cumulatieve effecten).

Als we zo, zonder integraal plan doorgaan met het bouwen van grootschalige windparken in het IJsselmeergebied, dan is er nergens meer te beleven hoe weids het IJsselmeer als Blauwe Hart van Nederland is. Maar ook ’s nachts is het dan nergens meer echt donker. En die duisternis is ook een belangrijke kernwaarde van het gebied.

En dit gebeurt, terwijl er mogelijkheden zijn voor aansluiting bij grootschalige infrastructuur en industriegebieden (gebieden die al niet meer ongerept zijn) waar ook draagvlak is onder omwonenden. Bovendien zou het clusteren van windmolens een betere aanpak zijn, in plaats van het telkens aanwijzen van nieuwe windmolenlocaties, want met clustering kunnen natuur en landschap elders gespaard worden.

 

Onze partners