Nieuwsberichten



Algemeen Vis Water Waterbouw Wind



Ingenieurs en bewoners bekritiseren plannen voor versterking Markermeerdijk

 27 maart 2017

De versterking van de Markermeerdijk kan, als de huidige plannen worden doorgezet, net zo’n fiasco worden als het dijkversterkingsproject tussen Hoorn en Enkhuizen. Daar werd op basis van onjuiste aannames en analyses de dijk vooral opgehoogd en verzwaard op een ondergrond die daar niet sterk genoeg voor bleek. Het gevolg was dat de dijk op een aantal plekken weer inzakte of verschoof. De waterbouwingenieurs Frank Spaargaren en Cees Vroege vrezen een vergelijkbaar scenario voor de Markermeerdijk. Ze hebben hun zorgen geuit in een brief aan de commissie voor Infrastructuur en Milieu van de Tweede Kamer.

 

Zwaar nieuw dijklichaam

Het plan is om langs het Markermeer naast de bestaande dijk, op de zeer zettingsgevoelige ondergrond, een zwaar nieuw en hoger dijklichaam aan te brengen, stellen Vroege en Spaargaren vast. Dat kan volgens hen leiden tot veel schade aan bebouwing, wegen en kabels. Bij de versterking van het dijktraject Hoorn-Enkhuizen speelde dat ook. De ingenieurs noemen het onverantwoord om een besluit te nemen over het ontwerp dat nu voorligt, zonder dat een gedegen analyse heeft aangetoond dat de risico’s binnen aanvaardbare grenzen liggen.

 

Bewoners Markermeerdijken

Boze bewoners langs de historische dijk tussen Hoorn en Amsterdam eisen aandacht van de politiek voor een alternatief plan voor de dijkverzwaring, geschreven door twee gepensioneerde ingenieurs van Rijkswaterstaat. Gaan Carola Smit en Frank Spaargaren samen de historische dijk tussen Hoorn en Amsterdam redden? De voormalige zangeres van BZN zong vrijdag tijdens een bijeenkomst in het Volendammer hotel Spaander een protestlied tegen de dijkverzwaring, en wel met zo veel gevoel dat zelfs de meest geharde ingenieur in de natte weg- en waterbouw het vermoedelijk niet droog houdt.

 

Alternatief plan

De gepensioneerde ingenieur Spaargaren was samen met zijn vroegere collega Cees Vroege naar Volendam gekomen om hun alternatief voor de dijkverzwaring te presenteren. Bepaald geen prutsers, die Spaargaren en Vroege. De beide mannen werkten vanaf de jaren zeventig van de vorige eeuw onder meer aan de bouw van de Oosterscheldekering en de Haringvlietdam. En nu hebben ze een alternatief plan bedacht voor de ingrijpende verzwaring van de eeuwenoude dijk die langs het Markermeer van Hoorn naar Amsterdam kronkelt. Ze denken dat met een gemaal in de Houtribdijk het waterpeil in het Markermeer zodanig beïnvloed kan worden dat de geplande dijkversterking veel minder robuust hoeft uit te pakken. Dat kan veel kosten besparen en kan bovendien problemen met hoog water in een veel groter gebied voorkomen.

 

Modern gemaal

Spaargaren en Vroege denken de klus voor 155 miljoen te kunnen klaren en de dijk ook nog eens in zijn huidige staat te kunnen laten voortbestaan. Daarvoor is een modern gemaal nodig in de Houtribdijk en langs het traject een flauw hellend talud in het water, waarmee wordt voorkomen dat bij noodweer de golven over de dijk slaan. Dat klinkt bijna kinderlijk eenvoudig in vergelijking met de operatie die het consortium langs de dijk op touw wil zetten. Het verschil, zei Spaargaren gisteren tijdens de presentatie voor een stampvolle zaal met dijkbewoners, is dat het consortium zich baseert op computermodellen over de kracht van water en dijk die allemaal uitgaan van gegarandeerde zekerheden en de beide ingenieurs vertrouwen op hun kennis uit de praktijk.

 

Waardeloos rapport

Spaargaren: “Ik heb nog nooit een dijk zien bezwijken zonder aanzienlijke verhoging van het waterpeil. Dat is één keer gebeurd, in 2003 in Wilnis, maar daar was sprake van een verdroogd dijkdeel. Maar als we met een modern gemaal met een flinke capaciteit, zoals die bijvoorbeeld in Singapore te vinden is, het Markermeer op NAP kunnen houden, kan deze dijk prima voldoen.” Van het verantwoordelijke ministerie van Infrastructuur en Milieu hebben de ingenieurs inmiddels een brief gekregen met de mededeling dat hun plan is afgewezen. “Dat is gebeurd op basis van een waardeloos rapport,” moppert Spaargaren, die vermoedt dat er andere zaken spelen. “Een gemaal in de Houtribdijk zou onder verantwoordelijkheid van het ministerie vallen. En Rijkswaterstaat heeft gewoonweg niet meer de knowhow in huis om zo’n klus te klaren.”

 

Strohalm

De bewoners uit de dorpen langs de dijk hopen dat de plannen van Spaargaren en Vroege onder druk van de landelijke politiek nog eens goed worden bekeken. Het is hun laatste strohalm, zei Simon Groen namens de dorpsraad van Uitdam. “We zijn al negen jaar in gesprek met het waterschap en geen steek opgeschoten. Alle suggesties worden enthousiast in ontvangst genomen om vervolgens na veel onderzoek, notities, overleggen en werkateliers weer te worden afgeserveerd. Mij is het patroon inmiddels wel duidelijk: het waterschap wil zekerheid en de baggeraars willen gewoon een grote hoeveelheid grond verzetten. Voor het cultureel erfgoed van onze dijk is dat een fatale combinatie.”

 

Bronnen: www.parool.nl en www.noordhollandsdagblad.nl

 

Postcodeloterij helpt natuur IJsselmeergebied

 6 februari 2017

De Nationale Postcodeloterij heeft gulle giften gedaan ten gunste van onder andere de natuur, de vissen en de vogels in het IJsselmeergebied en de wilde bijen in Flevoland. Deze giften zijn gedaan aan Natuurmonumenten, Vogelbescherming Nederland en LandschappenNL.

Natuurmonumenten

Natuurmonumenten heeft een extra bijdrage van € 6,9 miljoen ontvangen van de Nationale Postcode Loterij voor uitbreiding van Marker Wadden, een natuurparadijs in wording. In een uitzending van RTL Late Night over Marker Wadden kreeg boswachter André Donker tot zijn grote verrassing de check van de Postcode Loterij overhandigd door Humberto Tan.

Schitterend natuurparadijs

Deze extra bijdrage voor Marker Wadden is een geweldige opsteker voor de aanleg van dit schitterende natuurparadijs voor mens en dier. Het plan omvat de aanleg van een serie eilanden in het Markermeer die voor een betere waterkwaliteit zorgen, ruimte voor vogels en recreatiemogelijkheden voor mensen.

Vogelbescherming Nederland

Humberto Tan is ook op bezoek geweest bij Fred Wouters, directeur Vogelbescherming Nederland. Met een donatie van 1,7 miljoen kan de vogelbescherming aan de slag kan met het verbeteren van de IJsselmeeroevers en het creëren van een visverbinding naar het achterland.

Nieuw leefgebied voor vissen en vogels

Dankzij de Nationale Postcode Loterij-schenking van 1,7 miljoen euro start de Vogelbescherming bij Tacozijl en De Nes aan de verbetering van de IJsselmeeroevers en het creëren van een visverbinding naar het achterland. Hier profiteren niet alleen de vissen van, ook vogels krijgen er leefgebied bij. Visetende vogels als visdieven, zwarte sterns, dwergmeeuwen en reuzensterns, visarend- en zeearenden krijgen er zo een zwemmend visbuffet bij.

LandschappenNL

Tijdens het jaarlijks Goed Geld Gala van de Nationale Postcode Loterij heeft LandschappenNL

1,7 miljoen euro ontvangen voor de realisatie van de Wilde Bijenlinie. Dit is fantastisch nieuws voor de bedreigde wilde bijen. Met een deel van dit bedrag gaan het Flevo-landschap en Landschapsbeheer Flevoland aan de slag met de realisatie van de Wilde Bijenlinie.

Wilde Bijenlinie

De Wilde Bijenlinie verbindt nieuwe en bestaande leefgebieden voor wilde bijen in heel Nederland. Het Flevo-landschap gaat nieuwe wilde bijen-plekken realiseren op hun terreinen en Landschapsbeheer Flevoland juist buiten deze gebieden. Nieuwe en bestaande bijenprojecten worden verbonden tot een verfijnd netwerk, noodzakelijk voor de wilde bijen om te overleven. Samen met maatschappelijke partners gaat gewerkt worden aan een bijvriendelijke inrichting van infrastructurele werken zoals dijken en spoorbermen.

 

 

Bouw haven Flevokust van start

 1 februari 2017

Gedeputeerde Jan-Nico Appelman pompte op 1 februari 2017 het laatste water uit de bouwkuip van Flevokust. Een mijlpaal in de aanleg van de haven. Nu de bouwkuip is drooggelegd, kan het vullen met zand beginnen. Zo ontstaat er een nieuw stuk Flevoland! Door het droogleggen heeft provincie Flevoland  nieuwe contouren gekregen. De kade in het IJsselmeer is nu onderdeel van het Flevolandse landschap. In de toekomst is de kade ook op kaartmateriaal te zien.

Samen met betrokken partijen

Het leegpompen van de bouwkuip gebeurde tijdens een feestelijk moment. Onder toeziend oog van de partijen die tot nu toe bij de plannen en uitvoering betrokken zijn. Zij voeren met een schip naar de toekomstige haven en konden het terrein van alle kanten bekijken.

Het begin van nog veel meer

Gedeputeerde Appelman is trots op wat de provincie samen met gemeente Lelystad, Waterschap Zuiderzeeland, Rijkswaterstaat en andere partijen heeft bereikt. “De plannen worden nu werkelijkheid. We zien het voor onze ogen gebeuren en dat is prachtig. Met Flevokust verbinden we de Flevolandse agrariërs en andere exportbedrijven met afnemers in Nederland en de rest van de wereld. De nieuwe haven brengt bedrijvigheid en banen; bovendien is het een motor voor andere ontwikkelingen. Flevokust is ook het begin van nog veel meer.”

Rustplaats voor watervogels

Het Flevo-Landschap heeft gepleit voor de golfbreker. Hiermee wordt een rustplaats gecreëerd voor de watervogels. Het Flevo-Landschap en Het Blauwe Hart gaan er vanuit dat er voldoende rekening gehouden wordt met de natuur.

 

Documentaire: “ZOUT vs ZOET”- Vismigratierivier

 12 januari 2017

Filmmaker Hans den Hartog (van o.a. “De Vogelwachter; tijd bestaat niet, enkel tij”) gaat samen met producent Annemiek van der Hell van Windmill Film de documentaire “ZOUT vs ZOET” produceren. ZOUT vs ZOET wordt een documentaire over de totstandkoming en bouw van de Vismigratierivier, een ecoduct door de Afsluitdijk nabij de spuisluizen van Kornwerderzand. Den Hartog volgt het hele proces vanaf de start begin 2018, tot realisatie. ZOUT vs ZOET gaat omstreeks 2022 in première. Het filmproject wordt ondersteund door het samenwerkingsverband De Nieuwe Afsluitdijk (DNA) * en de initiatiefnemers* van De Vismigratierivier. Naar aanvullende financiering wordt nog gezocht.

Den Hartog filmt niet alleen de complete aanleg van de Vismigratierivier. Gedurende vier jaar volgt hij een aantal personen die een sleutelrol spelen in de realisatie van de Vismigratierivier. Zo laten beroepsvissers aan de zoute (Wadden) en de zoete (IJsselmeer) kant zien hoe zij inspelen op de veranderingen, gemaakt door mens en natuur. Ook de vissen zelf spelen een belangrijke rol. Zo is Den Hartog van plan om de migrerende vis vanaf de Waddenzee en het IJsselmeer, via de IJssel en de Rijn  in Duitsland tot aan Zwitserland te gaan volgen vanaf een schip. Niet voor niets is de subtitel van de film: “De Vismigratierivier; een internationale reis dwars door de Afsluitdijk”. Sluitstuk in de film is het kunstproject ‘Happy Fish’ ofwel de Blije Vis van landschapsarchitect Bruno Doedens, waarbij opvallende roestvrij stalen  vissen van af de Afsluitdijk het belang van wat zich onder water afspeelt, zichtbaar maken. Bekijk hier de pilot van de documentaire.

Wereldwijd uniek project

De Vismigratierivier is een permanente opening in de Afsluitdijk waar trekvissen 24/7 vrijuit door heen kunnen zwemmen om vanuit de Waddenzee het IJsselmeer te bereiken en andersom. Trekvissen hebben zoet- én zoutwater nodig voor hun levenscyclus. Door de aanleg van dijken en dammen, zoals de Afsluitdijk is dat niet of nauwelijks meer mogelijk. Dat is een belangrijke reden waarom het slecht gaat met trekvissen in het algemeen en de visstand in het IJsselmeer in het bijzonder. De innovatieve Vismigratierivier, nergens in de wereld is dit eerder zo gedaan,  zorgt er, samen met het visvriendelijk spui-en schutssluisbeheer van Rijkswaterstaat, voor dat de Afsluitdijk weer open gaat voor vis. Het project is eind 2022 gereed en volgt daarbij de planning van Rijkswaterstaat die bezig is met de grootschalige versterking van de Afsluitdijk.

Kijk hier voor meer informatie.

* De Nieuwe Afsluitdijk (DNA): De Vismigratierivier is onderdeel van het programma De Nieuwe Afsluitdijk (DNA). De Nieuwe Afsluitdijk is een samenwerking van de provincies Noord-Holland, Fryslân en de  gemeenten Hollands Kroon, Súdwest-Fryslân en Harlingen. Samen werken we aan een vernieuwde dijk op het gebied van duurzame energie, ecologie, recreatie en toerisme en ruimtelijke kwaliteit.

*Initiatiefnemers Vismigratierivier: Waddenvereniging, Sportvisserij Nederland, netVISwerk, It Fryske Gea en Samenwerkinsverband Het Blauwe Hart.

 

Bouw gemaal Schardam

 9 januari 2017

Nabij Schardam, in de Rietkoog en naast de brug en sluis, wordt door aannemer aan de Stegge Bouw en Werktuigbouw uit Goor de laatste hand gelegd aan de bouw van een nieuw gemaal bij Schardam, genaamd ‘Gemaal C. Mantel’ en doet dit in opdracht van Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK). Het gemaal wordt aangelegd in een Provinciaal monument ‘de Klamdijk’ . Er is  veel aandacht besteed aan architectuur, de landschappelijke inpassing van het gemaal en de afvoerwatergang. Tevens is er rekening gehouden met de natuurwaarden door middel van onder andere de mogelijkheid voor vismigratie.

Waarom een nieuw gemaal

Er is ruimte nodig voor extra waterafvoer in Noord-Holland omdat het steeds vaker en harder regent. De Schermerboezem loopt van Den Helder tot aan Zaandam en helemaal door naar 3 spuilocaties (Schardam, Monnickendam en Edam/Volendam). Tot nu toe werd overtollig boezemwater via Den Helder (afvoer op Waddenzee) en Zaandam (afvoer op Noordzeekanaal) afgevoerd. Een tweetal nieuwe gemalen aan de oostzijde van de boezem (Gemaal C. Mantel bij Schardam en een nieuw te bouwen gemaal bij Monnickendam), zorgen ervoor dat ook in het middelste gedeelte van de boezem water afgevoerd kan worden. Dit vindt plaats richting het Markermeer en zal helpen bij het beter reguleren van het waterpeil in het middelste gedeelte van het beheergebied. Ook kan er bij droogte water ingelaten of zelfs ingemalen worden.

Wonen onder zeeniveau

Vrijwel alle Noord-Hollanders wonen onder zeeniveau. En het hoogheemraadschap zorgt dat dit op een veilige manier kan. Een hele klus, want de zeespiegel stijgt, het regent vaker en de Noord-Hollandse bodem zakt. Doen we niets, dan kan de provincie onderlopen op sommige plaatsen. Daarom investeert HHNK de komende jaren honderden miljoenen in droge voeten, en in voldoende en schoon water. Hiermee werken zij aan het Deltaprogramma Hollands Noorderkwartier. Met behulp van dijken, een boezemsysteem, waterbergingen en gemalen houdt HHNK de provincie droog. Primaire dijken keren het water van de Noordzee, Waddenzee, IJsselmeer en Markermeer. Andere dijken omsluiten de boezemwateren en houden het water buiten de polders.

Ecologische randvoorwaarden bouw

Voorafgaand aan de werkzaamheden is een werkprotocol opgesteld om de ecologische randvoorwaarden voor deze uitvoering vast te leggen. Aan de Stegge heeft bijvoorbeeld rekening moeten houden met een aantal beschermde diersoorten (de rugstreeppad, de bittervoorn en de noordse woelmuis). Tijdens het broedseizoen hebben zij maatregelen genomen om te voorkomen dat de broedende vogels verstoord werden. Ook hebben zij paddenschermen geplaatst om te voorkomen dat de padden bij de werkzaamheden in de buurt komen.

In stand houden natuurgebied Rietkoog

Om het natuurgebied de Rietkoog in stand te houden is de afvoerwatergang van het gemaal zo ontworpen dat hij niet door dit natuurgebied gaat. Daarnaast zijn aan de pompen hoge eisen gesteld ten aanzien van rendement en wordt er LED-verlichting toegepast in het bedieningsgebouw, wat zorgt voor minder verbruik van energie.

Vismigratie

Gemaal C. Mantel is het grootste visvriendelijke gemaal van Nederland. De pompen zijn visvriendelijk uitgevoerd en er is een aparte vispassage gerealiseerd waardoor vissen tussen Markermeer en boezem kunnen migreren. In de vispassage van het gemaal wordt gebruik gemaakt van  schutten. De richting is afhankelijk van het seizoen. Op gezette tijden, die worden bepaald door de ecologen van het hoogheemraadschap, worden de vissen via een lokstroom uit de afvoerwatergang of boezem gelokt. De vissen verzamelen in de vispassage. Na verloop van tijd wordt de hefschuif gesloten en aan de andere kant geopend, zodat de vissen de Schermerboezem of het Markermeer in kunnen zwemmen.

Vorderingen bouw

7 december is de planning van de functionele oplevering van het vernieuwde gemaal. Er staan nog twee proefmomenten gepland in 2017. Aan het eind van het voorjaar, wordt de uitslag van het rendement van de geteste pompen verwacht. In het najaar van 2017 wordt tijdens de natuurlijke vistrek naar het Markermeer de visvriendelijkheid van de pompen getest.

 

Beroep tegen Windpark Fryslân

 2 januari 2017

Een groep landelijke, provinciale en regionale natuurbeschermings- en recreatieve organisaties gaat samen als coalitie in beroep tegen Windpark Fryslân, een groot gepland windmolenpark van 89 windturbines midden in het IJsselmeer. Het windpark vormt een bedreiging voor een van de meest open landschappen van Nederland en levert de natuur in het IJsselmeer en de Waddenzee grote schade op. De gelegenheidscoalitie ziet het grote belang van windmolens, maar vraagt wel nadrukkelijk om een zorgvuldige inpassing in het landschap. De samenwerkende organisaties streven naar een open en rijk IJsselmeer voor natuur en recreanten. Windpark Fryslân doet daar grote afbreuk aan.

Het IJsselmeer is volgens de samenwerkende organisaties van internationaal belang als natuurgebied. “De bescherming van het IJsselmeer is dan ook stevig verankerd in beleid en wetgeving. Dat geldt zowel voor de landschappelijke waarden als voor de natuur. De keuze voor alweer een windmolenpark in het IJsselmeer leidde daarom terecht tot zorgen van een groep natuurbeschermings- en recreatieve organisaties”, aldus Chris Bakker, hoofd Natuurkwaliteit van It Fryske Gea, de provinciale vereniging voor natuurbescherming in Friesland. Hij treedt op als woordvoerder namens de coalitie bestaande uit It Fryske Gea, Natuurmonumenten, Vogelbescherming Nederland, de Waddenvereniging, de IJsselmeervereniging, het Watersportverbond en Don Quichot. Eerder maakten ze hun grote zorgen over dit windpark kenbaar in een zienswijze. Met de gemelde negatieve effecten van het windturbinepark voor natuur en landschap is echter weinig gedaan.

Grens is bereikt!

Bakker: “Het overgrote deel van de Nationale windopgave op land wordt nu al gerealiseerd in het Zuiderzeegebied. De recent ontwikkelde windparken zorgen ervoor dat je inmiddels bijna overal in het IJsselmeergebied windmolens kunt zien. En ook met de natuur in het IJsselmeer gaat het al een lange tijd niet goed. Een aanpak van de overheid waarbij er steeds weer een nieuw windpark bijkomt, leidt tot steeds weer een aantasting van de natuur- en landschapskwaliteit. Per park lijken de effecten misschien mee te vallen, maar de optelsom van alle windparken bij elkaar is zonder meer negatief. De grens is wat ons betreft bereikt. De enige optie die wij daarom nu nog zien is in beroep gaan om natuur- en landschapsbescherming te waarborgen.”

Windmolens passen niet op deze plek

De in de coalitie verenigde organisaties vinden duurzame energie belangrijk, maar vinden windmolens op deze plek onacceptabel. Chris Bakker: “Het plaatsen van een windmolenpark op deze locatie heeft niet alleen negatieve invloed op de natuur van het IJsselmeergebied, het Blauwe Hart van Nederland, maar ook op de Waddenzee. De natuur is hier van internationaal belang. Beide grote wateren vormen het leefgebied van bijzondere en grote aantallen vogelsoorten, maar ook vleermuizen en vissen. Niet voor niets zijn beide aangewezen als Natura-2000 gebieden. Verstoring of verlies van leefomgeving, planten en dieren moet daarom voorkomen worden. Bovendien wordt een groot deel van de nationale windopgave op land reeds gerealiseerd in het Blauwe Hart. Nog meer windmolens in dit gebied kan de natuur niet dragen.”

Aantasting landschappelijke openheid

Het IJsselmeer en het nabijgelegen Waddengebied zijn bij uitstek gebieden van ruimte, rust, weidsheid en duisternis. “Het zijn de meest open landschappen van Nederland”, aldus Bakker. “Veel natuurliefhebbers, watersporters en recreanten genieten van dit unieke landschap. We moeten dit soort plekken waar mensen nog kunnen genieten van groen, rust en ruimte koesteren. Bijna negentig torenhoge windmolens doen daar sterk afbreuk aan. Omdat de bescherming van het IJsselmeer ook in beleid en regelgeving is opgenomen, is de keuze voor deze locatie onbegrijpelijk”.

Alternatieve locaties

De plek in het IJsselmeer is aangewezen door het Rijk en de provincie Fryslân Volgens de coalitie zijn er echter voldoende alternatieve locaties voor een windpark beschikbaar. Bakker: ”Natuurorganisaties hebben in de planfase meegedacht en alternatieve locaties aangedragen. Er zijn op het vaste land bijvoorbeeld geschikte plaatsen beschikbaar bij industriegebieden of langs snelwegen. Op deze plekken zijn de natuurwaarden al laag en daarnaast hebben ook de inwoners van Fryslân hier minder hinder van windmolens. Helaas heeft de provincie Fryslân alle alternatieven terzijde geschoven en voor een locatie midden in het IJsselmeer gekozen. De plannen van zes windmolenparken in en om het IJsselmeer staat haaks op het eigen beleid van het Rijk. Daarin staat de open ongestoorde horizon van het IJsselmeer en de bescherming van IJsselmeernatuur juist centraal.”

Contra-expertise in de maak

De passende beoordeling bij de ruimtelijke plannen voor windpark Fryslân geeft aan dat significante negatieve effecten op natuur en landschap met zekerheid kunnen worden uitgesloten. De groep natuur- en recreatieve organisaties heeft echter bedenkingen bij deze conclusies. Bakker: “Daarom laten wij een contra-expertise opstellen door Alterra Wageningen over de mogelijke natuureffecten. De definitieve uitkomsten hiervan worden in december verwacht.”

 

Drastische renovatie afsluitdijk

 28 december 2016

Al meer dan 80 jaar houdt de Afsluitdijk grote delen van Nederland droog. Steen voor steen is neergelegd door duizenden mensenhanden. Gebouwd om Nederland te beschermen tegen de woeste Zuiderzee en om landbouwgrond te creëren. Dankzij de dijken in Nederland, kunnen wij onder zeeniveau wonen. De dijk is echter niet bestand tegen de extreem zware storm die eens in de 10.000 jaar kan voorkomen. Door een grondige renovatie zal de Afsluitdijk dat wel zijn.

Renovatie Afsluitdijk

Tien jaar nadat de Afsluitdijk bij een toetsing werd afgekeurd, is de aanbesteding van de renovatie nabij. Op 24 november om 16.00 uur maakt Rijkswaterstaat gunningseisen voor de renovatie van de Afsluitdijk openbaar. Vanaf dat moment kunnen bedrijven een offerte indienen.

Industry Day

Rijkswaterstaat heeft een zogeheten “industry day” georganiseerd. Daar werden aannemers, adviseurs en financiers op de hoogte gesteld van de scope van het contract, de planning en andere aspecten. De sessie zou aanvankelijk in Kornwerderzand plaatsvinden bij het kantoor van projectbureau “De Nieuwe Afsluitdijk”. Maar vanwege de grote belangstelling werd er uitgeweken naar de grotere Jaarbeurs in Utrecht. Daar kwamen ruim 250 mensen samen om zich te laten informeren.

Drie knoppen

De dijk, die strikt genomen een dam is, kan op drie punten worden aangepast. Door de bekleding aan de Waddenzeekant te vervangen en te verruwen, door de kruin licht te verhogen en door de zone achter de kruin overslagbestendig te maken. De aannemers kunnen zelf kiezen in welke mate ze aan die drie verschillende knoppen gaan draaien om de dijk tot 2050 aan alle veiligheidseisen te laten voldoen. Na 2050 wordt er opnieuw gekeken in hoeverre de dijk verder moet worden aangepast aan eventuele extra zeespiegelrijzing en klimaatverandering.

Grootste gemaal van Europa

Behalve het 32 kilometer lange dijklichaam moeten ook de kunstwerken als de schut- en spuisluizen worden gerenoveerd. Bij Kornwerderzand komt een afsluitbare coupure als voorbereiding op de vismigratierivier. Bij Den Oever komen pompen om ook bij hogere waterstanden te kunnen spuien. Die pompen gaan bij elkaar het grootste gemaal van Europa vormen.

Energieneutraal

De ambitie van Rijkswaterstaat is om alles energieneutraal te laten werken. Met behulp van zonne-energie, stromingsenergie of andere duurzame energievormen moet de benodigde energie dus zoveel mogelijk rond de dijk zelf worden opgewekt.

 

Luwtemaatregelen Hoornse Hop van de baan

 24 december 2016

Minister Schultz van Haegen van het ministerie van Infrastructuur en Milieu heeft besloten in te stemmen met het advies van de Stuurgroep Markermeer-IJmeer (SMIJ) om te stoppen met de planuitwerking en realisatie van de Luwtemaatregelen Hoornse Hop en in overleg met de SMIJ een nieuwe verkenning te starten om een andere maatregel te ontwikkelen voor het Toekomstbestendig Ecologisch Systeem (TBES) in het Markermeer-IJmeer.

Het oorspronkelijke plan van Rijkswaterstaat bestond uit het aanleggen van dammen van zo’n 2,5 kilometer en een ondiepte van 100-150 ha in het Hoornse Hop. Hierdoor ontstaat een luwe zone met helder water, waar zich verschillende soorten waterplanten kunnen ontwikkelen. Waterplanten zijn goed voor de ecologie in het Markermeer.

Het advies van de SMIJ is tot stand gekomen op basis van nadere analyses, waaruit blijkt dat de luwtemaatregelen in de Hoornse Hop niet voldoende bijdragen aan de verwachte regionale effecten voor een Toekomstbestendig Ecologisch Systeem in het Markermeer-IJmeer.

Uit de laatste berekeningen met het geoptimaliseerde model blijkt nu dat de aanleg van luwtedammen in de Hoornse Hop niet zorgt voor grootschalige verbetering van het doorzicht, maar dat het effect beperkt blijft tot de directe omgeving van de dammen. Recent onderzoek toont voorts aan dat de waterkwaliteit in de Hoornse Hop, vooral de laatste jaren, op een natuurlijke wijze al is verbeterd. Het water is helderder geworden; het aantal waterplanten is toegenomen en ook de hoeveelheid mosselen is gegroeid. Hierbij wordt wel opgemerkt dat het onzeker is of deze ontwikkeling zich doorzet.

Hoewel de luwtemaatregelen wel degelijk een lokaal effect hebben op de versterking van het ecologisch herstel, is de Stuurgroep SMIJ van mening dat dit niet voldoende is om de maatregelen uit te voeren, omdat hiermee de oorspronkelijke doelstelling: ‘het bereiken van een regionaal effect’ niet wordt behaald. Dit was reden voor de Stuurgroep om advies uit te brengen over hoe nu verder te gaan.

Op 13 oktober jl. heeft minister Schultz van Haegen, mede namens het ministerie van EZ en samen met de provincies het advies overgenomen van de SMIJ om de planfase stop te zetten en opnieuw een gezamenlijke verkenning uit te voeren. In deze verkenningsfase zal met  actuele kennis en ervaringen en geoptimaliseerde rekenmodellen onderzocht worden op welke wijze de ecologische doelen in het Markermeer het beste kunnen worden bereikt en welke locatie hiervoor het meest geschikt is.

Investeren in de ecologie van het Markermeer-IJmeer blijft wel nog steeds nodig. De ecologische situatie in het Markermeer voldoet nog steeds niet aan de doelstellingen van zowel de Europese Kaderichtlijn water (KRW) als die van Natura 2000. Het behalen van deze doelstellingen is ook een van de streefdoelen van het RRAAM-project.

Door de projectleiding werd op 26 oktober jl. in het Van der Valk hotel te Hoorn gesteld dat zowel de opgave om te komen tot een gezond Toekomstbestendig Ecologisch Systeem in het Markermeer als het budget van € 15 miljoen nog steeds keihard overeind blijven staan. Er is geen sprake van  een verschuiving van financiële middelen naar andere projecten als bijvoorbeeld de Markerwadden.

Omdat veel factoren zijn veranderd moet men helemaal opnieuw beginnen met een verkenning, ondanks dat er heel wat onderzoek verricht is. Het budget van € 15 miljoen is ook het maximale budget. Dat betekent ook dat eventuele maatregelen in de Houtribdijk niet worden meegenomen in het onderzoek. Dit soort maatregelen bedragen aanzienlijke miljoenen euro’s meer en de consequenties hiervan voor de veiligheid zijn veel groter. Wel is toegezegd dat het Samenwerkingsverband Blauwe Hart betrokken wordt bij deze verkenningsfase.

 

Kansen voor natuur bij de versterking van de Houtribdijk

 23 december 2016

Natuurmonumenten, Vogelbescherming Nederland, Stichting Het Blauwe Hart en Sportvisserij Nederland werken samen om de kwaliteit van de natuur en de natuurbeleving van het IJsselmeergebied te versterken.

Zij kijken kritisch aan tegen de huidige versterkingsplannen voor de Houtribdijk, omdat bestaande natuurwaarden de dupe dreigen te worden wanneer er alleen maar vanuit de veiligheidsopgave wordt gedacht en ontworpen. Deze zorgen hebben zij ook in een formele zienswijze op de plannen aan de overheid geuit.

Ze zien juist kansen als bij het ontwerpen wordt gekeken naar mogelijkheden om met behulp van de natuur een veiliger dijk te creëren. Deze kansen hebben zij verwoord in de “Catalogus Kansen voor de natuur bij versterking Houtribdijk”.

Deze rapportage is gemaakt om tijdens de komende aanbesteding voor de versterking van de dijk, de marktpartijen te verleiden om dergelijke kansen aan te bieden bij de inschrijving. Door bijvoorbeeld de kans te benutten om het zand voor de versterking van de dijk, ook in te zetten voor luwteplekken en ondieptes, wordt niet alleen de dijk versterkt maar ook de natuur!

 

Dijkversterking Durgerdam complex

 22 december 2016

Op 5 juli 2016 zijn mogelijke oplossingen om de Durgerdammer dijk te versterken voorgelegd aan bewoners en andere belanghebbenden. Het gaat om een buitenwaartse versterking en om een geheel nieuwe oplossing: een dijk buitenom. Als deze oplossingen niet haalbaar of niet wenselijk zijn, kan worden teruggevallen op de mogelijkheid om een damwand in de dijk aan te brengen, mogelijk gecombineerd met andere technieken.

De buitenwaartse versterking was al eens eerder besproken. Deze oplossing heeft behoorlijke consequenties voor de jachthaven en het beschermd dorpsgezicht, maar ook voor de natuur.

Een andere oplossing is een dijk buitenom: vanaf de kaap onder Uitdam, via de kaap bij het Kinselmeer naar de kop van polder IJdoorn tot aan het Blauwe Hoofd ten westen van Durgerdam. De dijk biedt bescherming aan zowel Durgerdam als de Uitdammerdijk. Door deze oplossing ontstaan binnenmeren waarbij de scheepvaart bij Durgerdam door een vrijwel permanent openstaande keersluis kan passeren. De huidige karakteristieke dijk zou in dat geval ongemoeid blijven en haar functie als primaire waterkering verliezen.

Tijdens de omgevingsbijeenkomst op 13 september gaf de Alliantie Markermeerdijken aan voor Durgerdam op dit moment nog geen keuze te maken voor een versterkingsoplossing. De oplossing van een dijk buitenom is inhoudelijk complex, want er zijn ook veel bezwaren tegen dit idee. Zeker voor wat de natuurwaarden betreft is dit geen goede optie. Daarnaast lopen ook de wensen van belanghebbenden uiteen.

Frits Palmboom, Hoogleraar van Eesteren leerstoel, pleit in een groot achtergrondartikel voor voorzichtigheid t.a.v. de te nemen voorkeursvariant. Hij draagt daarbij zijn ‘tien gouden regels’ voor het Blauwe Hart aan om te komen tot een zorgvuldige keuze.

 

Expeditie Marker Wadden: oplevering Hoofdeiland

 20 december 2016

Nederland is officieel een nieuw eiland rijker: het hoofdeiland van de Marker Wadden. De feestelijke oplevering werd afgelopen weekend opgeluisterd door tientallen grote en kleine boten. Zaterdag 24 september zette staatssecretaris Martijn van Dam van Economische Zaken (natuur) de eerste officiële stap op het nieuwe eiland in het Markermeer. in zijn kielzog volgden honderden natuur- en watersportliefhebbers. Natuurmonumenten legt hier samen met Rijkswaterstaat en Boskalis een archipel van eilanden aan die de natuur in het Blauwe Hart van Nederland een enorme impuls gaat geven. De eerste fase van Marker Wadden omvat in totaal circa 800 hectare en zal klaar in 2020 klaar zijn.

Eerste eiland boven water

Met een eiland van liefst 250 hectare in het Markermeer doet ons land haar waterbouwkundige naam weer eer aan. Projectdirecteur Roel Posthoorn van Natuurmonumenten: “Begin mei kwam het eerste stukje land boven water. Nu, vijf maanden later, ligt er een heel eiland. Daar hebben we met zijn allen hard voor gewerkt en daar zijn we enorm trots op. Afgelopen weekend kon iedereen het resultaat met eigen ogen bewonderen.” Dat deden enkele honderden bezoekers. Met driemaster Abel Tasman en in zijn kielzog een indrukwekkende vloot van grote en kleine schepen voer staatssecretaris Van Dam naar het eerste eiland van dit unieke natuurproject. Na dit weekend is het eiland pas in 2018 weer toegankelijk voor bezoekers.

Natuurherstel

De Marken Wadden is een uniek project voor de aanleg van een serie natuureilanden in het Markermeer, als onderdeel van het Blauwe Hart. Het ontwerp pakt het slibprobleem aan en verrijkt het Markermeer met natuurlijke oevers en ondieptes. Zo kan er weer een gezond evenwicht ontstaan waar dieren en planten in het Markermeer zich goed kunnen ontwikkelen. Al tijdens de bouw zijn er duizenden vogels geteld die het eiland als slaapplek gebruikten, zoals visdiefjes, zwarte sterns en verschillende meeuwensoorten.

Theo van de Gazelle, hoofdingenieur-directeur Rijkswaterstaat: “Rijkswaterstaat heeft een belangrijke taak om het Markermeer ecologisch te verbeteren. Hiermee laten we zien hoe we samenwerken met maatschappelijke partners aan een duurzame leefomgeving.“

”Niet alleen de natuur profiteert van dit project, voor de regio komt er met dit nieuwe land een belangrijke recreatieve bestemming bij”, zegt Michiel Rijsberman, gedeputeerde provincie Flevoland. Bouwen met slib is bovendien een innovatieve techniek die over de hele wereld toepasbaar is.

Help mee

Meehelpen om van Marker Wadden een vogelparadijs te maken? Doneer dan eenmalig voor de vogelparadijs in wording via deze link.

 

Boskalis baggert op biobrandstof voor Marker Wadden

 18 december 2016

Baggeraar Boskalis heeft de eerste fase van het project Marker Wadden afgerond. Het baggerschip dat het nieuwe natuurgebied aanlegde, deed dat voor de helft op biobrandstof. Dat meldt Goodfuels, de Nederlandse specialist in biobrandstoffen voor de scheepvaart. Het baggerschip Edax maakte voor het opspuiten van het nieuwe hoofdeiland in de Marker Wadden gebruik van biodiesel uit houtafval. Dat leverde een CO2-reductie op van 600 miljoen ton.

Biobrandstoffen

De proef is onderdeel van het Sustainable Marine Fuel Program, waar naast Boskalis en Goodfuels ook scheepsmotorbouwer Wärtsila bij betrokken is. Doel van deze partijen is biobrandstoffen betaalbaarder en breder beschikbaar te maken.

De biobrandstof wordt geproduceerd door het Finse UPM Biofuels. De brandstof kan worden gebruikt om fossiele diesel helemaal te vervangen. Dat zou volgens Goodfuels een CO2-besparing van 80 tot 90 procent kunnen opleveren. Ook de emissies van SOx en NOx zijn lager.

Kijk hier voor meer informatie.

 

Maatregelen voor betere visstand in het Blauwe Hart

 17 december 2016

De aanleg van de Afsluitdijk in 1932 had grote voordelen voor de veiligheid en de ontwikkeling van de Noord-Nederlandse economie. Maar de aanleg veroorzaakte ook schade aan de natuur (was een ecologische ramp). Twee grote Nederlandse natuurgebieden – de Waddenzee en de Zuiderzee – werden plotseling van elkaar gescheiden. Met als gevolg dat de visstand in het IJsselmeer dramatisch terugliep en dat routes voor trekvissen naar het Europese achterland werden geblokkeerd.

De Nieuwe Afsluitdijk voor herstel

Rijkswaterstaat en De Nieuwe Afsluitdijk willen de ecologische verbinding tussen de Waddenzee en het IJsselmeer herstellen. Dat is goed voor de natuur en in het bijzonder voor de visstand in beide belangrijke natuurgebieden. Tot in de jaren zeventig van de vorige eeuw zagen we de natuur bij onze strijd tegen het water vooral als tegenstander, die we buiten de deur moesten houden, zo vertelt Flos Fleischer, directeur van het Samenwerkingsverband. Geleidelijk aan veranderde dit inzicht. We proberen de natuur nu steeds meer te ontzien bij waterbouwkundige werken, want het kan zoveel mooier en beter voor natuur. De uitdaging én noodzaak is om de overgang tussen land en water op een vloeiender manier vorm te geven, want nu is de Afsluitdijk een kale barrière voor vissen die heel moeilijk te nemen is!

Maatregelen zijn:

Vispassage Den Oever groot succes

De dit voorjaar geopende vispassage in de Afsluitdijk bij Den Oever lijkt in ieder geval voor de intrek van glasaal een succes. Tellingen wijzen uit dat in de periode tussen half april en eind juni liefst 805.337 vissen de passage passeerden. Het overgrote deel, ruim 90%, betreft glasaaltjes. Ze hebben het zoete water van het IJsselmeer nodig om op te groeien tot paling. Tot voor kort wachtten de aaltjes tevergeefs voor de Afsluitdijk. Behalve glasaal maken ook voor vogels belangrijke soorten als stekelbaars en spiering gretig gebruik van de passage, zo blijkt uit de tellingen. Ook verdwaalde zoetwatervissen als snoekbaars, brasem en grondel weten de weg terug te vinden via de vispassage.

Eenvoudige techniek

De vispassage bij Den Oever is een zuiver technisch werk. Een buis door de voorhaven bij Den Oever mondt uit in een zoetwaterbak in het IJsselmeer. Door een pomp blijft het waterniveau in de bak altijd boven het zeeniveau staat. Hierdoor is er altijd een zoetwaterstroom van IJsselmeer naar Waddenzee die fungeert als een lokstroom.

 

Sterkere Markermeerdijken

 14 december 2016

Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK) gaat tussen 2017 en 2021 de ruim 33 kilometer lange Markermeerdijken tussen Hoorn en Amsterdam versterken. Grote delen van de historische dijken zijn niet stabiel genoeg meer om bij extreme omstandigheden de ongeveer 1,2 miljoen Noord-Hollanders te beschermen tegen het water. Veengrond als ondergrond, beschermde dorpsgezichten, cultuurhistorie, Natura 2000 gebied en Ecologische Hoofdstructuur zijn allemaal uitdagingen die bij dit project het hoofd geboden moeten worden. HHNK voert dan ook intensief overleg met alle betrokken partijen, zowel de partners als alle omwonenden.

Historisch dijklandschap

De dijken langs de Markermeerkust, zoals de Zeedijken en de Waterlandse Zeedijk die onderdeel is van de Noorder IJdijk, zijn provinciaal monument met een lange geschiedenis. Ze horen al eeuwenlang bij het Noord-Hollandse polderlandschap. De Waterlandse Zeedijk bijvoorbeeld stamt uit 1300. Oorspronkelijk in de middeleeuwen aangelegd als bescherming tegen het water van de Zuiderzee kronkelen ze langs polders en dorpjes waar mensen hebben gewoond die ooit leefden van de Zuiderzee. De vele bochten en wielen tonen de dijkdoorbraken uit het verleden. De laatste was honderd jaar geleden: de watersnoodramp van 1916, dit jaar herdacht.

Toch waterkering

In de oorspronkelijke plannen, toen er nog sprake was van de Markerwaard als vierde IJsselmeerpolder, zouden de oude dijken slechts langs een randmeer komen te liggen. Toen de Markerwaard definitief niet doorging (2003) veranderde de situatie: de dijken kregen weer de status van primaire waterkering.

De toetsing op geschiktheid voor die taak (2006) kwamen ze echter niet door. Klimaatverandering, extreem weer en daardoor kans op vaker hoog water zorgen voor verzwaarde veiligheidseisen. De dijken zijn op een aantal plaatsen niet hoog genoeg en ze zijn instabiel. Wanneer hoog water lange tijd tegen de Markermeerdijken aan drukt zijn er als gevolg van de instabiliteit een aantal scenario’s mogelijk, bijvoorbeeld dat de dijk zijn kracht verliest en gaat afschuiven.

De dijken zijn dus hard aan een opknapbeurt toe. HHNK is bezig met een versterkingsprogramma, maar wel een waarbij het bijzondere karakter van het gebied behouden blijft.

Alliantie

Gezien de complexiteit van het project heeft HHNK de Alliantie Markermeerdijken in het leven geroepen. De Alliantie Markermeerdijken is een bundeling van krachten tussen HHNK en een aantal grote ondernemingen. In nauwe samenwerking wordt de dijkversterking uitgevoerd. Kennis, ervaring en creativiteit worden op die manier in de planvormingsfase al samengebracht; problemen, latere veranderingen en daarbij behorende kostenverhogingen hopelijk zo veel mogelijk voorkomen. Er gaat gebruik gemaakt worden van heel nieuwe technieken en methoden, zoals Dijken op veen en de oeverdijk. De Alliantie wil zoveel mogelijk bodemgegevens verzamelen over de ondergrond, zowel over de landbodem als over de waterbodem. Om die reden wordt er regelmatig onderzoek gedaan in het gebied rondom de Markermeerdijken.

Per 1 januari 2017 wijzigt de Waterwet wat inhoudt dat er nieuwe veiligheidsnormen komen, gebaseerd op een risicobenadering. De Alliantie Markermeerdijken gaat de nieuwe regels in het definitieve projectplan voor dijkversterking meenemen. Op dit moment is er nog niets definitief en is men nog met alle betrokken partijen in overleg. De verwachting is dat de definitieve plannen in 2017 gereed zijn, met als uiteindelijke doel dat de dijken er weer vijftig jaar tegen kunnen.

Dijken op veen

Een deel van de Markermeerdijken staat op een ondergrond van veen. Kennisinstituut Deltares heeft gezorgd voor een rekenmodel ‘Dijken op veen’ waarmee de benodigde sterkte van de dijken berekend kan worden gekoppeld aan het gedrag van veengrond. Onderzoek heeft uitgewezen dat het veen onder de dijken sterker is dan gedacht. Het rekenmodel van Deltares is aangepast aan de specifieke eigenschappen van veen. Maar feit is wel dat bij belasting vervorming op treedt. Om die reden heeft Deltares de interactie tussen dijk en veengrond onderzocht.

Voorgangers HHNK

HHNK is niet de eerste organisatie die zorg draagt voor de dijken langs de voormalige Zuiderzee. Al in 1843 ging een aantal waterschappen samenwerken in de ‘Dijkvereeniging Noorder IJ en Zeedijk’ om delen van de dijken te beheren. Deze vereniging ging in 1919 op in Hoogheemraadschap Noordhollands Noorderkwartier dat naar aanleiding van de watersnoodramp in 1916 was opgericht. Er was behoefte aan centralisatie en zeven kleine waterschappen werden opgeheven. Het hoogheemraadschap was verantwoordelijk voor alle zeeweringen in Noord-Holland boven het Noordzeekanaal: het Noorderkwartier.

De aanleg van de Afsluitdijk (geopend in 1933) zorgde voor vermindering van de kilometers zeewering die onderhouden moesten worden en in de loop der jaren veranderden de taken. In 2003 is na een aantal fusies het huidige Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier ontstaan.

Meer weten over de plannen voor de Markermeerdijken of wilt u zich opgeven voor de digitale nieuwsbrief zodat u regelmatig op de hoogte wordt gehouden over de laatste ontwikkelingen, klik dan hier.

 

Onze partners